donderdag 3 januari 2019

UWV betaalt uitkeringen zonder te controleren of mensen echt ontslagen zijn (Trouw)

Dat meldde ‘Nieuwsuur’ maandagavond. De WW is een verzekering voor mensen die buiten hun schuld werkloos zijn geworden. Wie bijvoorbeeld wordt ontslagen omdat er geen werk meer is, heeft er recht op. Het UWV controleert echter zelden wat de reden is van de werkloosheid. Gevolg is dat wie zelf ontslag neemt en WW aanvraagt – en dat gaat allemaal digitaal om kosten te beheersen – in de regel ook een uitkering krijgt.
Volgens de uitzendbureaus waar Nieuwsuur mee sprak, gaat het met name om arbeidsmigranten. Zij komen naar Nederland en werken exact de 26 weken die tenminste nodig zijn om recht te hebben op drie maanden WW-uitkering. Na drie maanden gaan ze weer werken. In 2017 zijn er in totaal ruim 39.000 WW-uitkeringen aan Polen verstrekt.
Maar er zijn ook Nederlanders die een WW-uitkering aanvragen terwijl ze helemaal niet zijn ontslagen en er dus geen recht op hebben. Zij hebben er dan zelf voor gekozen – al dan niet in overleg met de werkgever die het wellicht goed uitkomt – te stoppen met werken. 

Controle

Medewerkers van het UWV hebben intern de problemen aangekaart. Ook uitzendorganisaties uit Noord- en Zuid-Holland hebben meldingen gedaan. Het misbruik is relatief makkelijk te voorkomen als het UWV bij werkgevers controleert of er sprake is van ontslag.
In een schriftelijke reactie meldt het ministerie van sociale zaken dat er bij twijfel wel nader onderzoek plaatsvindt door het UWV. “Er wordt dan informatie over de redenen van het ontslag ingewonnen bij de werknemer en de werkgever (hoor en wederhoor).” Hoe vaak dat gebeurt, melden de instanties niet.
Vorige maand bracht Nieuwsuur aan het licht dat Poolse arbeidsmigranten met behulp van valse handtekeningen, verkeerde adressen en nepsollicitaties frauderen met WW en zo duizenden euro’s aan uitkering incasseren terwijl ze ondertussen in Polen zijn. Donderdag debatteert de Tweede Kamer over de WW-uitkeringen met minister Wouter Koolmees. 

Lees ook: Georganiseerde uitkeringsfraude onder Poolse arbeidsmigranten

Poolse arbeidsmigranten frauderen volgens Nieuwsuur op grote schaal met werkloosheidsuitkeringen.

Minister Koolmees schrikt zelf ook van ‘Polenfraude’

Minister Koolmees van sociale zaken zal de Tweede Kamer voortaan uitvoeriger bijpraten over uitkeringsfraude. Vanwege de gevoeligheid van dergelijke zaken, overweegt hij dit achter gesloten deuren te doen

maandag 31 december 2018

VK 16 oktober 2018 (Stop woonbeleid dat huizenprijzen opdrijft)

De prijzen op de Nederlandse woningmarkt stijgen in een ongekend tempo. De gemiddelde Nederlandse woning kost inmiddels bijna drie ton en is binnen mum van tijd verkocht, zo maakte de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) afgelopen week bekend. In Amsterdam zijn de verkoopprijzen in één jaar tijd met 17 procent gestegen en liggen inmiddels op 440.000 euro.
Nieuwe prijsstijgingen worden inmiddels niet meer met gejuich ontvangen, maar leiden tot verontrusting. Terecht, de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de woningmarkt zijn in het geding. Vooral starters vallen buiten de boot. Zij slagen er niet in de prijsstijgingen bij te benen en het noodzakelijke eigen vermogen in te brengen.
Er is veel druk om de bouwproductie op te voeren en de teugels daarom maar te laten vieren. Als we maar genoeg woningen bouwen, komen vraag en aanbod vanzelf weer in balans, is de gedachte. Er zijn genoeg partijen die staan te trappelen om de wooncrisis aan te grijpen om vooral dure koopwoningen te bouwen en het schaarse groen daarvoor op te offeren. De betaalbaarheid is er nauwelijks mee geholpen.
De nieuwe wooncrisis is zorgelijk, maar moet niet misbruikt worden om deze simplistische mantra van ‘bouwen, bouwen, bouwen’ koste wat kost door te drukken. In plaats van het naïeve geloof in een onzichtbare hand, is het zinvoller het huidige prijsopdrijvende woonbeleid kritisch tegen het licht te houden.
De hypotheekrenteaftrek is een jaarlijkse miljardensubsidie voor de koopmarkt, en heeft daarmee een prijsopdrijvend effect. Kopers zijn bereid en in staat meer te betalen voor dezelfde woning. Een deel van de hypotheeklasten kan immers afgetrokken worden. Het is bovendien een instrument van omgekeerde herverdeling: hoe duurder de woning, hoe hoger de aftrek. Vooral de hoge inkomens en de banken profiteren. Rutte III kiest slechts voor het versneld beperken van de aftrek.
Daarnaast kent Nederland in internationaal vergelijkend perspectief nog steeds een bijzonder royale hypotheekverstrekking, ook al is deze na de financiële crisis al enigszins aan banden gelegd. Nederland is Europees kampioen hypotheekschulden. Hoge en stijgende huizenprijzen zijn mogelijk gemaakt door deze particuliere schuldenberg. Daar komt bij dat hypotheken momenteel spotgoedkoop zijn door extreem lage rentestanden, bepaald door de Europese Centrale Bank. De lage rente maakt vastgoed bovendien tot aantrekkelijk beleggingsobject.
Ouders mogen tot een ton belastingvrij schenken aan hun kinderen voor het kopen van een huis. Deze extra kapitaalinjectie draagt bij aan verdere prijsstijging. Daarnaast is het typisch een instrument waarmee vermogensongelijkheid wordt bestendigd en overgegeven van de ene op de andere generatie.
Beeld ANP
Ook het huurbeleid is cruciaal. Gedurende de afgelopen twintig jaar is de sociale huursector geleidelijk omgevormd van brede publieke voorziening tot vangnet voor de laagste inkomens. Door strenge inkomensgrenzen zijn middeninkomens uitgesloten van een betaalbare huur. Als het even kan, dan moet je jezelf zien te redden op de markt.
Willen we de koopsector in rustiger vaarwater brengen, dan moet huren weer een aantrekkelijk, betaalbaar en toegankelijk alternatief voor de peperdure markt worden. Dat vereist het verhogen van de maximale inkomensgrenzen voor sociale huur, uitbreiding van de huurprijsbescherming en vergroten van het aanbod betaalbare huurwoningen. Zo kan een groter deel van de bevolking aanspraak maken op een betaalbare en gereguleerde huurwoning. Het huidige beleid doet het omgekeerde door de rol van woningcorporaties te beperken en hen lastenverzwaringen als de verhuurderheffing op te leggen.
Zeker, betaalbare nieuwbouw kan een belangrijke rol spelen bij het verbeteren van de toegankelijkheid van de woningmarkt. Maar grijp de wooncrisis niet aan om maar rücksichtslos te bouwen. Laat bovenal het huidige prijsopdrijvende en ongelijkheid vergrotende woonbeleid niet ongemoeid. 
Cody Hochstenbach is postdoctoraal onderzoeker stadsgeografie aan de UvA.

donderdag 11 oktober 2018

Clash of civilizations

De ‘botsende beschavingen’ (Engels: Clash of Civilizations ) is de theorie van de Amerikaanse politicoloog Samuel Huntington die zegt dat de culturele en religieuze identiteit van mensen de belangrijkste bron van conflicten wordt in de periode na de Koude Oorlog.

zaterdag 28 juli 2018

Trouw 24 juli 2018....Opinie ontslag en UWV

Die nieuwe regels gingen drie jaar geleden in. De inspectie bekeek bijna 30.000 ontslagaanvragen die in de eerste anderhalf jaar van dat regime door uitkeringsinstantie UWV zijn beoordeeld. Conclusie: er gaat veel mis.
Er wordt maar bar weinig onderzocht of de motivatie van de werkgever om ontslag om bedrijfseconomische redenen aan te vragen klopt. Het UWV luistert daarbij vooral naar de werkgever en nauwelijks naar de werknemer. De regel die voorschrijft dat een ontslagen werknemer weer in dienst moet worden genomen als zich bij zijn oude werkgever binnen een half jaar een passende vacature aandient, werkt niet.
Waar bij de wetswijziging van 2015 al voor werd gewaarschuwd – de nieuwe regels kunnen ervoor zorgen dat vaste werknemers worden vervangen door goedkopere flexwerkers – lijkt werkelijkheid te zijn geworden.
In de oude situatie konden individuele werknemers ontslag om bedrijfseconomische redenen aanvechten bij de kantonrechter. Dat gaf hen de gelegenheid hún kant van het verhaal te vertellen en het gaf de rechter de mogelijkheid om bij de werkgever door te vragen naar de motieven voor het ontslag.
Die route kan onder de nieuwe regels niet meer worden bewandeld: alle zaken worden door het UWV behandeld en dat doet dat dus niet al te best. Naar de rechter stappen kan pas helemaal aan het einde van het traject, maar het UWV wijst de ontslagen werknemers daar niet op en bovendien is de termijn waarbinnen zo’n stap naar de rechter kan worden gezet erg kort. In de praktijk komt er van die rechterlijke toets maar weinig terecht.

Geen malse kritiek

Met haar jongste rapport stelt de Inspectie SZW de nieuwe regels expliciet ter discussie. Zoals gezegd: geen malse kritiek, afkomstig van een instantie die serieus moet worden genomen. Hoe anders is de reactie van minister Koolmees van sociale zaken. In een brief aan de Tweede Kamer legt hij de kritiek op haast achteloze wijze goeddeels naast zich neer. Niks aan de hand hoor, schrijft hij: de procedure is evenwichtig en zorgvuldig. Het UWV moet de procedure toetsen en daarbij gaat het volgens Koolmees niet om waarheidsvinding.
Een vreemde reactie. Het inspectierapport maakt genoegzaam duidelijk dat de nieuwe ontslagregels verbeterd moeten worden. Zo heel ingewikkeld hoeft dat ook niet te zijn. Het zou de minister sieren als hij naar die verbetering gaat zoeken, in plaats van ‘nietes’ te roepen.

dinsdag 7 maart 2017

Correspondent: Strategisch stemmen is niet slim

 Je kan er de klok op gelijk zetten. In 2012 moest je VVD stemmen om de opkomst van PVV of van links te stuiten. Of op Diederik Samsom om tegenwicht te bieden tegen rechts. Hoe dat afliep is bekend. We kregen Mark Rutte én de PvdA, en Geert Wilders twitterde zijn boodschap vier jaar lang, ongehinderd door regeringsverantwoordelijkheid.
Nu 15 maart dichterbij komt en mensen zich afvragen hoe het daarna zal gaan, komt de strategische stemgedachte weer op in de hoofden van mensen die eigenlijk D66, GroenLinks of CDA zouden willen stemmen. Zelfs mensen die de PvdA nog een kans willen geven overwegen met ogen dicht Rutte te stemmen om Wilders te blokkeren.
Zo krijgt Geert Wilders zijn zin. Hij is onderwerp van ieders gedachten. Zoals hij tevreden vaststelde in de vorstelijke monoloog op de zondagochtend die WNL hem gunde aan het Haagse Lange Voorhout, symbool van de macht. In 140 tekens op Twitter kan hij iedereen gek maken en een paar dagen voorkomen dat een serieuzer gesprek over de koers van het land wordt gevoerd.
Strategisch stemmen. Het lijkt een logische redenering. Vol dienstbaarheid aan het gezond verstand. De VVD is tot nu toe in alle peilingen de een na grootste. Dus als je die extra stemmen geeft kan Rutte de PVV afremmen, en misschien zelfs wel achter zich laten. Liever nog een paar jaar de premier die je kent dan onze eigen Trump aan de knoppen.
Het lijkt slim, maar is het niet. Ik reken straks voor waarom. Maar er is ook een principiële reden om het niet te doen. Verkiezingen zijn de enige echte opiniepeiling. Bij die gelegenheid kan het Nederlandse volk met de relatieve nuances die ons kiesstelsel met evenredige vertegenwoordiging toelaat zijn voorkeur tot uitdrukking brengen.
Verkie
Wij kiezen geen premier of kabinet. Wij kunnen alleen laten zien aan welke partij met welke mensen en ideeën wij op dit moment de voorkeur geven. In de hoop dat er een kabinet wordt gevormd dat daar enigszins een uitdrukking van is. Met compromissen maar toch ook een onsje van onze voorkeurssaus. Tenzij je stemt op een partij die niet gaat meeregeren – dan hoop je dat die mensen jouw geluid in de Kamer goed laten horen.
Door een andere partij dan je eigen keuze veel meer stemmen te bezorgen dan haar eigen aanhang groot is, verteken je het beeld. De echte mening van de strategische stemmers wordt onzichtbaar. En de begunstigde partij, in dit geval de VVD, raakt in de waan dat al die strategische aanwas ook het hele VVD-gedachtegoed omhelst, mét het politieke personeel dat erbij hoort.
Dat leidt steevast tot zelfoverschatting. Daar leden in eerdere decennia het CDA en de PvdA aan. En nu alweer een te lange tijd de VVD. Het leidt tot selectie van bewindslieden uit een te kleine vijver. En er worden meer 130 kilometer-borden geplaatst dan waar de bevolking om vraagt, alleen omdat de VVD denkt dat zij zo reuzepopulair is en ministers kiest uit het eigen kringetje.
Stel dat iedereen z’n eigen voorkeur volgt en er moet een kabinet komen met pakweg vijf partijen, dan wordt de wijn beter gemengd en kan er talent omhoogkomen uit meer partijen. Dan werkt de vertegenwoordigende democratie beter, zowel in het beleid als in de doorstroming van bestuurders.
Ja, maar Wilders uit het Catshuis weren is belangrijker dan dit soort praktische en principiële overwegingen. We hebben de luxe van de nuance niet meer. Straks breekt hij de boel af. En sleept Europa mee. Kijk maar naar Trump.
Ook wie zo redeneert, zou ik willen zeggen: strategisch stemmen is geen goed plan. Er is geen enkele garantie dat die strategische stem haar doel bereikt, terwijl de actie al snel contraproductief uitpakt. Ga maar na.
Stel, Wilders wordt toch de grootste. Dan krijgt hij volgens de gebruikelijke aanpak het initiatief bij de vorming van een kabinet. Als Rutte dan als runner-up verreweg de grootste van de rest is, dan is vorming van een kabinet PVV-VVD met bijvoorbeeld 50Plus en SGP makkelijker dan wanneer Rutte alleen zijn ‘eigen’ stemmen had geoogst.
Voor mensen die eigenlijk CDA, PvdA, D66 of GroenLinks willen stemmen, levert strategisch stemmen dus per saldo een negatief resultaat op. Zij hebben de vorming van een kabinet-Wilders makkelijker gemaakt. Terwijl zij beter een alternatief kunnen bieden voor PVV en PVV Light.
Daarom is het ook goed dat het ten onrechte ‘premiersdebat’ genoemde tv-debat op 26 februari toch doorgaat, ook nu PVV en VVD er niet aan meedoen.
Stel, Rutte houdt woord, en gaat niet in zee met winnaar Wilders. Dan was een stem op Rutte voor andersdenkenden niet nodig. Sterker nog, dan wordt hun eigen overtuiging tekortgedaan en die van de VVD oneigenlijk versterkt. Dat verzwakt de rol van D66, GroenLinks, CDA en de PvdA in een mogelijke coalitie met de VVD. De strategische stemmers hebben dus minder dan niets bereikt.
Het kan ook zijn dat de VVD, mede dankzij de strategische stemmers de grootste wordt. Dan weren zij Wilders uit het Catshuis, maar blijft het de vraag of de verleiding niet groot is voor Rutte om via een schijnconstructie toch met de PVV te gaan regeren. Gedogen zit in het nationaal DNA. ‘Landsbelang,’ ‘nood breekt wet,’ ‘erger voorkomen,’ we kennen de alibi’s. Misschien kunnen zij het samen af, misschien hoeft er nog maar één partij bij.
Wat hebben de strategische stemmers in dit laatste geval bereikt? Helemaal niks. En als de VVD de grootste is en niet met Wilders een akkoord bereikt, dan hebben al die kiezers van andere overtuigingen hun eigen partij verzwakt in de onderhandelingen met Rutte.
Daarom, beste vaderlandslievende strategische stemoverwegers, onthoud dit: een stem op Rutte is een stem op Rutte. Ben je van Asscher, stem PvdA. Ben je van GroenLinks, stem op Klaver of een ander op zijn lijst. Ben je Pechtoldiaan, stem D66. Ben je christendemocraat, stem Buma, Segers of Van der Staaij. Enzovoort.
We kiezen in dit land geen regeringsleider en geen coalitie. Ondanks alle bezwaren, de schoonheid van het huidige stelsel is een mate van nuance die ontbreekt in een tweepartijenstelsel. Grijp die kans en stem wat je voelt en wat je denkt. Laat tactiek en strategie over aan de gekozenen die daarna een kabinet moeten vormen.

Strategisch 2

'Strategisch stemmen kan ook met je hart'

Philip van Praag: 'Kiezers die overwegen een strategische stem op de VVD uit te brengen gaat het niet om het ­concrete beleid van het volgende kabinet'
Philip van Praag: 'Kiezers die overwegen een strategische stem op de VVD uit te brengen gaat het niet om het ­concrete beleid van het volgende kabinet' © ANP
Een strategische stem op de VVD gaat niet zozeer om concreet beleid van een volgend kabinet, maar verwoordt afkeer van Wilders, schrijft Philip van Praag.
Meepraten? Dat kan onder dit artikel.
Afgelopen zaterdag betoogde John Jansen van Galen dat strategisch stemmen op de VVD op een misverstand ­berust, oftewel zijn impliciete boodschap is: kiezers die strategisch stemmen zouden beter moeten nadenken. Dat is niet alleen een arrogante stelling­name, maar ook een zeer aanvechtbare. 

Kiezers die strategisch stemmen, doen dat vaak in de hoop dat die partij de grootste wordt, ze volgen in het stemhokje niet hun hart, maar laten machtsoverwegingen domineren. 

Het is juist dat de grootste partij niet vanzelfsprekend de minister-president levert, als grootste partij belandde de PvdA in 1977 en in 1982 toch in de oppositie. Toch is het in de Nederlandse politiek belangrijk wie de grootste partij is.
Ze volgen in het stemhokje niet hun hart, maar laten machtsoverwegingen domineren
Philip van Dijk
Sinds 1972 is de regel ontstaan dat de grootste regeringspartij - en dat hoeft niet de grootste partij in het parlement te zijn - de minister-­president levert.

Barend Biesheuvel was in 1971 de laatste premier die afkomstig was van een kleinere regeringspartij. De kans dat dat nu nog eens zal gebeuren is uiterst klein. Het premierschap betekent tegenwoordig een electoraal kapitaal voor de partij van de premier, de grootste regeringspartij zal die mogelijkheid niet laten lopen. De minister-president heeft bovendien onevenredig veel invloed binnen het kabinet, al was het maar in het zoeken van een compromis bij meningsverschillen. 

Rampzalig kabinet
Een andere belangrijke regel is dat de grootste partij het initiatief krijgt bij de formatie. Dat kan grote invloed hebben op het formatieproces. Volgens Jansen van Galen had het niet ­uitgemaakt of we in 2012 een kabinet onder ­leiding van Rutte of onder leiding van Samsom hadden gehad. Dat is een vrij speculatieve stelling.
Ik betwijfel echter of het in 2010 niet had uitgemaakt als de PvdA de grootste was geworden in plaats van de VVD, het verschil was toen 1 zetel (ongeveer 80.000 stemmen). Als de PvdA net iets groter was geweest dan de VVD, was het rampzalige kabinet van VVD/CDA met de gedoogsteun van de PVV waarschijnlijk nooit tot stand gekomen. 

Paar zetels meer of minder
Jansen van Galen betoogt ook dat kleine partijen een invloed hebben die ver boven hun zetelaantal uitgaat. Daar heeft hij gelijk in en het is de kracht van ons kiesstelsel dat nieuwe partijen met nieuwe ideeën zeer gemakkelijk in het parlement kunnen worden verkozen. 

Ook voor de kleinere regeringspartijen geldt dat ze vaak onevenredig veel invloed hebben. Als kleinere partijen als de ChristenUnie of GroenLinks in de volgende regeringscoalitie veel macht krijgen doordat ze op de wip zitten, zoals hij stelt, maakt het echter niet uit of ze een paar zetels meer of minder hebben. 

Deze terechte constatering ontkracht volledig zijn stellingname ­tegen het strategisch stemmen. Kiezers die overwegen een strategische stem op de VVD uit te brengen gaat het bovendien niet om het ­concrete beleid van het volgende kabinet.
Ook voor de kleinere regeringspartijen geldt dat ze vaak onevenredig veel invloed hebben
Philip van Dijk
Deze veelal progressieve kiezers verwachten niet dat Wilders, mocht hij de grootste partij worden, premier zal worden. Bij hen speelt een geheel andere overweging. Deze kiezers willen zich op geen enkele wijze verantwoordelijk voelen voor een situatie waarin Wilders gedurende jaren kan roepen dat de Haagse elite hem weer buitenspel heeft gezet, terwijl het Nederlandse volk hem tot de grootste partij heeft gemaakt. 

Juist in de wetenschap dat elke coalitiepartij in het volgende kabinet onder leiding van Rutte 'op de wip' zit en ongewenst beleid kan blokkeren, kan het een bewuste afweging zijn om op de VVD te stemmen. Een dergelijke afweging berust niet op een misverstand, deze kiezers volgen in hun afkeer van de PVV juist hun hart.

Het opiniestuk van John Jansen van Galen: 'Strategisch stemmen berust op misverstanden'